Box 2 na Prinsjesdag: “DGA’s moeten goed kijken naar loon, leningen en dividenduitkeringen.”

Een ambtelijke werkgroep van het ministerie van Financiën constateerde in 2020 dat aanmerkelijkbelanghouders € 400 miljard aan vermogen bezitten. Volgens Wouter van Dam, Manager Tax Advisory bij Baker Tilly, stelt het kabinet met de maatregelen van het Belastingplan 2023 flinke wijzigingen voor om deze pot aan te spreken. “De mogelijkheden voor directeur-grootaandeelhouders en hun BV's om het tijdstip van belastingheffing tot op zekere hoogte zelf te bepalen, worden steeds verder beperkt. Met ingang van 2023 zet het kabinet in op een stabielere inkomensstroom uit box 2 en een hogere gecombineerde belastingdruk voor de DGA.”

Een directeur-grootaandeelhouder (DGA) heeft een bijzondere positie voor de inkomstenbelasting. Hij kan in zekere mate zelf bepalen wanneer hij belasting verschuldigd is voor inkomen uit aanmerkelijk belang (een aandelenbezit van minimaal 5%) door zelf te beslissen wanneer hij dividend laat uitkeren. In plaats van dividend uitkeren heeft een DGA de mogelijkheid de winst in het bedrijf te laten zitten voor toekomstige investeringen, of het geld aan zichzelf uit te lenen. Verder kan hij (binnen de grenzen van de gebruikelijkloonregeling) zelf zijn salaris vaststellen. Dit terwijl werknemers direct belasting over hun loon betalen (in box 1) en spaarders en beleggers hetzelfde doen over hun forfaitaire inkomen uit vermogen (in box 3).

Afschaffing doelmatigheidsmarge in gebruikelijkloonregeling

Wouter legt uit dat de DGA de omvang van zijn salaris dient te bepalen aan de hand van wat ‘normaal’ is voor het niveau en de omvang van het werk. “Dit is nu minimaal het hoogste van 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking, het loon van de meestverdienende werknemer in het bedrijf of € 48.000. Per 1 januari 2023 vervalt de doelmatigheidsmarge van 25%. Dit kan voor DGA’s betekenen dat zij zichzelf een hoger loon moeten toekennen en meer belasting in box 1 betalen. De uitzondering waardoor het loon van DGA's van innovatieve start-ups kan worden vastgesteld op het wettelijke minimumloon vervalt per 1 januari 2023.”

Dividend en tariefschijven

“Het dividend dat de DGA uitkeert uit zijn BV is belast in box 2 met 26,9%. Vanaf 2024 krijgt box 2 twee schijven. Voor de eerste 67.000 euro aan box 2-inkomsten uit aanmerkelijk belang geldt een laag tarief van 24,5%. Over het meerdere inkomen ofwel de tweede schijf is 31% inkomstenbelasting verschuldigd. De maatregel gaat ook gelden voor bestaande dividendreserves van een BV. Daarom is het de moeite waard om nu al te kijken wanneer dividenduitkeringen het beste kunnen plaatsvinden. Hierbij moet wel rekening gehouden worden met de civiel juridische voorwaarden en formaliteiten voor het doen van een dividenduitkering.”

DGA’s doen er goed aan om nu al te kijken of ze bovenmatige leningen kunnen aflossen door bijvoorbeeld dividend uit te keren.

Lenen bij de eigen BV

DGA’s kunnen geld lenen uit de eigen BV zonder hier direct belasting over te betalen. Wouter vertelt dat de Belastingdienst leningen bij de eigen BV boven € 700.000 vanaf 31 december 2023 beschouwt als dividenduitkering. “Hiervoor betaal je 26,9% inkomstenbelasting. Zo wordt ook excessief lenen bij de eigen vennootschap door DGA’s en andere aanmerkelijkbelanghouders aangepakt. Sommige DGA’s hebben veel geld van hun vennootschap geleend. Mogelijk brengt dit hen in de problemen doordat ze onvoldoende hebben nagedacht over de terugbetaling van de lening. Of doordat hun vennootschap onvoldoende winst maakt om dividend uit te keren en de 15% dividendbelasting te betalen. DGA’s doen er goed aan om nu al te kijken of ze bovenmatige leningen kunnen aflossen door bijvoorbeeld dividend uit te keren.”

De bedrijfsopvolgingsregeling

“Er gaan geluiden dat de bedrijfsopvolgingsregeling per 1 januari 2024 fiscaal minder interessant wordt”, vervolgt Wouter. “Voor ondernemers die overdracht van hun bedrijf overwegen, is het verstandig om hier rekening mee te houden. Schenking of vererving van een onderneming leidt tot heffing van inkomstenbelasting bij de schenker of erflater en tot heffing van schenk- of erfbelasting bij de verkrijger. Onder de huidige BOR kunnen zij nog rekenen op een ruime belastingvrijstelling en uitstel van belastingbetaling mits aan bepaalde voorwaarden is voldaan.”

Wat betekent dit voor je belonings- en dividendbeleid?

Deze in het Belastingplan 2023 voorgestelde veranderingen noodzaken DGA’s volgens Wouter om goed na te denken over de winst en hun belonings- en dividendbeleid. En ook over hun bestedings- en inkomstenpatroon. “Kom je niet uit met je loon voor je privé-uitgaven? Ben je gewend om te lenen van de BV of dividend uit te keren als je extra geld nodig hebt? Heb je nu behoefte aan veel dividend? Kun je de lening terugbetalen of keer je dividend uit voor het geleende bedrag?” Sturen op deze overwegingen wordt steeds belangrijker.

Samenhang

Hij concludeert dat de financiële scheiding tussen het privévermogen en de winst in de onderneming scherper wordt afgebakend. “DGA’s moeten zich goed realiseren dat over de opgepotte winst in de BV inkomstenbelasting verschuldigd is voordat ze deze privé kunnen gebruiken. Bij veel klanten merk ik dat ze hier niet zo van schrikken. Ze weten dat ze ooit belasting moeten betalen. Vroeger was later belasting betalen gunstig, maar dat is nu niet altijd meer zo met de lage rentestand. Hier een plan voor maken, geeft een schoon beeld. De belastingadviseurs van Baker Tilly kunnen goed helpen om de vermogenspositie inzichtelijk te maken en alle fiscale aspecten in hun samenhang te bezien.”