De Wet Franchise – invoering van regels voor de franchiseovereenkomst

Per 1 januari 2021 is een wijziging van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek doorgevoerd. Daarbij zijn regels ingevoerd voor de franchiseovereenkomst om de positie van de franchisenemer te verstevigen tegenover de franchisegever (hierna: de ‘Wet Franchise’). Aan deze wetswijziging zit een overgangstermijn van twee jaar vast, dus die zit er bijna op. Voor 1 januari 2023 dienen alle franchiseorganisaties en de daarbij behorende overeenkomsten te voldoen aan de wettelijke verplichtingen onder de Wet Franchise. Hieronder een kort overzicht van deze verplichtingen.

Verplichtingen uit de Wet Franchise

De Franchiseovereenkomst wordt gedefinieerd als ‘de overeenkomst waarbij de franchisegever aan een franchisenemer tegen vergoeding het recht verleent en de verplichting oplegt om een franchiseformule op de door de franchisegever aangegeven wijze te exploiteren voor de productie of verkoop van goederen dan wel het verrichten van diensten.’ De Wet Franchise regelt een aantal verplichte spelregels tussen franchisegever en -nemer die zien op de verschillende stadia in een franchiserelatie.

Voorfase

Ten aanzien van de voorfase is bepaald dat de franchisegever en de franchisenemer elkaar alle informatie verstrekken waarvan zij weten of redelijkerwijs kunnen vermoeden dat deze van belang is voor het sluiten van de franchiseovereenkomst. Vervolgens dient een bedenktijd van vier weken (stand still periode) in acht te worden genomen alvorens de franchiseovereenkomst getekend kan worden.

Looptijd

Gedurende de overeenkomst heeft de franchisegever op basis van de Wet Franchise twee belangrijke verplichtingen ten opzichte van de franchisenemer. Bij een eventuele tussentijdse wijziging dient de franchisegever de franchisenemer tijdig te informeren over eventuele voorgenomen wijzigingen en de daarmee samenhangende manier van besteding van de vergoedingen (zoals de marketing- of automatiseringsvergoeding). Daarnaast moet de franchisegever regelmatig in overleg treden met zijn franchisenemers. Met regelmatig wordt bedoeld in ieder geval eens per jaar én telkens als de franchisenemer hierom vraagt in het kader van de te voeren franchiseformule.

Beëindiging

Tot slot zijn in de Wet Franchise verplichtingen opgelegd die zien op beëindiging van de franchisesamenwerking. Zo dient in de franchiseovereenkomst duidelijk vast te zijn gelegd hoe de waarde van de vestiging wordt bepaald als de franchisenemer zijn vestiging wil verkopen aan de franchisegever en hoe de eventuele goodwill wordt verdeeld. Daarnaast mag het concurrentiebeding niet langer zijn dan een jaar en niet ruimer dan het exclusieve werkgebied van franchisenemer.

Let op: oude regelingen zijn mogelijk vernietigbaar

Bepalingen in franchiseovereenkomsten die zijn aangegaan vóór de invoering van de Wet Franchise en in strijd zijn met de uit deze wet voortvloeiende verplichtingen zijn vanaf 1 januari 2023 dan ook vernietigbaar. In sommige gevallen zijn ze zelfs nietig. Het is daarom aan te raden om bestaande franchiseovereenkomsten hierop na te lopen en zo nodig aan te passen.

Mocht u nog vragen hebben over de Wet Franchise of de impact hiervan op uw organisatie, neem dan contact op met Baker Tilly Legal Advisory.