Hoge Raad: exploitatie gemeentelijke begraafplaatsen vormt geen overheidsprestatie

Recent heeft de Hoge Raad de vraag beantwoord of gemeenten voor de exploitatie van begraafplaatsen al dan niet handelen als overheid. Dit antwoord is van belang voor de vraag of gemeenten bij de exploitatie van begraafplaatsen recht hebben op een bijdrage uit het BTW-compensatiefonds (hierna: ‘het BCF’). In dit nieuwsbericht gaan wij in op de zaak, evenals het belang voor de praktijk.

Feiten in de zaak

De gemeente Krimpen aan den IJssel (hierna: ‘de Gemeente’) heeft op haar grondgebied twee gemeentelijke begraafplaatsen. De Gemeente draagt tegen vergoeding zorg voor de aanleg, het onderhoud en de uitbreiding van begraafplaatsen en zorgt eveneens voor de uitgifte van grafrechten. Voor het uitvoeren van voornoemde werkzaamheden heeft de Gemeente kosten met btw gemaakt. De in rekening gebrachte btw heeft de Gemeente via het BCF teruggevraagd.

In geschil is of de Gemeente voor de exploitatie van de begraafplaatsen handelt als overheid en – in het verlengde hiervan – of de Gemeente recht heeft op een bijdrage uit het BCF ter zake van de btw op kosten die aan de Gemeente in rekening is gebracht.

Oordeel Hoge Raad

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de Gemeente bij de exploitatie van begraafplaatsen niet handelt als overheid. Hoewel gemeenten op grond van de Wet op de lijkbezorging (Wlb) de verplichting hebben ten minste één gemeentelijke begraafplaats te hebben, leidt dit volgens de Hoge Raad niet tot het oordeel dat voor de exploitatie van een begraafplaats overheidsbevoegdheden nodig zijn. Een dergelijke overheidsbevoegdheid volgt noch uit de Wlb noch uit de Gemeentewet. Het gevolg is dat de Gemeente géén recht heeft op een teruggaaf via het BCF.

Belang voor de praktijk

Vooralsnog lijkt (op grond van een besluit van de Staatssecretaris van Financiën) het tegen vergoeding exploiteren van begraafplaatsen door gemeenten een activiteit te zijn waarop de btw-vrijstelling voor lijkbezorgers van toepassing is. Het gevolg is dat gemeenten de btw op kosten toerekenbaar aan een (exploitatie van een) begraafplaats niet in aftrek kunnen brengen én niet kunnen terugvragen via het BCF. Deze lijn wordt ook gevolgd door de Belastingdienst. De Hoge Raad heeft voorts de zaak terugverwezen naar een Gerechtshof om te onderzoeken of, en zo ja, in hoeverre de Gemeente de begraafplaatsen mede gebruikt voor niet-economische activiteiten. Wanneer laatstgenoemde het geval is, dan kan mogelijk alsnog al dan niet gedeeltelijk het recht bestaan op een bijdrage uit het BCF.

Heeft uw organisatie te maken met voorgaande btw-problematiek en wil u weten wat deze uitspraak concreet voor u betekent, neem dan contact op met onze collega’s van VAT & Customs Advisory van Baker Tilly.