Prinsjesdag 2019: wetsvoorstel Afschaffing fiscale aftrek scholingsuitgaven

Op Prinsjesdag 2019 is het wetsvoorstel Afschaffing fiscale aftrek scholingsuitgaven aan de Tweede Kamer aangeboden. Wij lichten dit wetsvoorstel graag toe. Let wel: dit wetsvoorstel is pas van toepassing als het is goedgekeurd door de Eerste en Tweede Kamer.

Voor een overzicht van alle maatregelen kunt u hier kijken.

In het Regeerakkoord was vastgelegd dat de fiscale regeling voor aftrek van scholingsuitgaven zou worden vervangen door een niet-fiscale individuele leerrekening. Het op 17 september 2019 ingediende wetsvoorstel tot afschaffing van de in de Wet IB 2001 opgenomen fiscale aftrek van scholingsuitgaven (Kamerstuk 35306) moet dan ook nadrukkelijk in samenhang worden bezien met de invoering van de vervangende regeling: de Subsidieregeling STAP-budget (Stimulans van de Arbeidsmarktpositie) voor natuurlijke personen met een band met de Nederlandse arbeidsmarkt. Vanwege deze samenhang treedt de afschaffing van de fiscale aftrek voor scholingsuitgaven in werking op het moment waarop de Subsidieregeling STAP-budget in werking treedt. De inwerkingtredingsdatum van die subsidieregeling is nog niet bekend, zodat het fiscale wetsvoorstel in werking treedt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

In het wetsvoorstel is geen overgangsrecht opgenomen voor scholingsuitgaven die worden gedaan in belastingjaren na de afschaffing van de fiscale aftrek van scholingsuitgaven, hoewel voor deze uitgaven wellicht eerder verplichtingen zijn aangegaan. Dit is achterwege gelaten omdat al langer bekend is dat de fiscale aftrek van scholingsuitgaven wordt afgeschaft in combinatie met het feit dat in 2016 al een wetsvoorstel tot afschaffing van die aftrek is ingediend en het voornemen hiertoe ook is opgenomen in het Regeerakkoord.

Er is wel overgangsrecht opgenomen voor de situatie dat scholingsuitgaven al in aftrek zijn gebracht en daarvoor, na de afschaffing, een teruggaaf wordt ontvangen. Voor die situatie wordt de huidige systematiek van de negatieve persoonsgebonden aftrek gehandhaafd. Het al bestaande overgangsrecht met betrekking tot scholingsuitgaven voor studiejaren tot en met het studiejaar 2014/2015, die destijds door de prestatiebeurs niet tot aftrek leidden, maar alsnog als scholingsuitgaven in aftrek kunnen worden gebracht als de prestatiebeurs niet wordt omgezet in een gift, wordt (anders dan eerder gecommuniceerd) gehandhaafd tot 1 januari 2031.

Mocht u naar aanleiding van de maatregelen van Prinsjesdag 2019 vragen hebben, neem dan contact op met uw adviseur bij Baker Tilly.