Prinsjesdag 2019: wetsvoorstel fiscale maatregelen Klimaatakkoord

Op Prinsjesdag 2019 is het wetsvoorstel Wet fiscale maatregelen Klimaatakkoord aan de Tweede Kamer aangeboden. Wij lichten dit wetsvoorstel graag toe. Let wel: dit wetsvoorstel is pas van toepassing als het is goedgekeurd door de Eerste en Tweede Kamer.

Voor een overzicht van alle maatregelen kunt u hier kijken. Het Wetsvoorstel Wet fiscale maatregelen Klimaatakkoord bevat de uitwerkingen van een groot deel van de fiscale maatregelen uit het Klimaatakkoord. In het wetsvoorstel komen de volgende onderwerpen aan de orde:

1. Mobiliteit

  • De huidige korting op de bijtelling zal na 2020 voor nieuwe elektrische auto's van de zaak worden gecontinueerd. Dat betekent dat de korting op de bijtelling in stappen zal worden afgebouwd tot uiteindelijk nul vanaf 1 januari 2026. Dan gaat voor nieuwe elektrische auto's van de zaak het algemene bijtellingspercentage van 22% gelden. De "cap", het deel van de catalogusprijs waarop de korting van thans 18%-punt van toepassing is, wordt in 2021 verlaagd tot € 40.000 en daarna niet meer aangepast. Met ingang van 1 januari 2026 verliest de cap zijn belang omdat op dat moment ook de korting op de bijtelling zal zijn afgeschaft.
  • De cap geldt niet voor auto's met een motor die kan worden gevoed met waterstof. Voor die auto's is de korting op de bijtelling niet gemaximeerd. Deze uitzondering wordt uitgebreid tot zonnecelauto's (de definitie hiervan wordt op dit moment onderzocht).

2. BPM en MRB emissievrije voertuigen en PHEV's

  • Het nihiltarief in de BPM voor emissievrije auto's wordt verlengd tot en met 2024. Vanaf 2025 geldt voor personenauto's met een CO2-uitstoot van 0 gram per km de vaste voet van € 360 (prijzen 2019).
  • Het nihiltarief in de MRB voor een personenauto met een CO2-uitstoot van 0 gram per km wordt verlengd tot en met 2024. In 2025 betaalt men voor deze personenauto's 25% van het dan geldende reguliere MRB-tarief en vanaf 2026 100% van het reguliere MRB-tarief. Deze wijziging geldt voor personenauto's, bestelauto's, motorrijwielen, vrachtauto's, rijdende winkels, autobussen en buitenlandse motorrijtuigen.
  • In de MRB geldt een halftarief voor een personenauto met een CO2-uitstoot van meer dan 0 maar niet meer dan 50 gram per km. In de praktijk voldoen tot op heden alleen Plug-in Hybride Elektrische Voertuigen (PHEV's) aan dit criterium. Dit halftarief in de MRB wordt verlengd tot en met 2024. In 2025 wordt dit halftarief omgezet in een driekwarttarief. Per 2026 vervalt het driekwarttarief en geldt het volledige tarief.
  • De huidige correctiefactor voor de massa van een PHEV voor bestelauto's wordt verlengd tot en met 2025 in verband met het zwaardere gewicht van PHEV's ten opzichte van conventionele auto's door de aanwezige batterij.
  • Door de Wet uitwerking Autobrief II worden de BPM-tarieven in de periode 2017 tot en met 2020 jaarlijks aangescherpt om gelijke tred te houden met het jaarlijks CO2-zuiniger worden van nieuwe auto's. Na 2020 wordt eenzelfde jaarlijkse aanscherping aangebracht.
  • De verlaagde MRB-tarieven voor bestelauto's gaan geleidelijk oplopen met een jaarlijkse stijging van gemiddeld € 24 per jaar (op jaarbasis) vanaf 2021 tot en met 2024. In 2025 wordt het tarief verlaagd met gemiddeld € 24 (op jaarbasis). De tariefaanpassingen worden jaarlijks geïndexeerd.
  • De accijns op diesel gaat vanaf 1 januari 2021 met 1 cent per liter omhoog. Op 1 januari 2023 gaat de accijns op diesel opnieuw met 1 cent per liter omhoog.

3. Verschuiving energiebelasting van elektriciteit naar aardgas

  • De energiebelasting in de eerste schijf op aardgas wordt in 2020 verhoogd met 4 cent per m³ en wordt de 6 jaar daarna verder verhoogd met telkens 1 cent per m³. In het verlengde hiervan wordt het tarief voor de glastuinbouw in de eerste schijf voor aardgas evenredig verhoogd, met 0,642 cent per m³ in 2020 en met 0,161 cent per m³ in de 6 jaar daarna.
  • Van de tarieven voor de opslag duurzame energie (ODE) voor 2020 zal 33% van de lasten neerslaan bij huishoudens en 67% bij bedrijven. Hierdoor zal de ODE in de 3e en 4e schijf verder worden verhoogd.
  • Onderdeel van de tariefstelling van de ODE voor 2020 is een verhoging van de belastingvermindering in de energiebelasting met € 55.

4. Verhoging tarief overdrachtsbelasting niet-woningen

Het tarief van de overdrachtsbelasting voor niet-woningen wordt met ingang van 1 januari 2021 verhoogd van 6% naar 7%.

5. Afvalstoffenheffing

Afvalstoffen die uit het buitenland zijn overgebracht naar Nederland om hier te worden verwijderd (in de regel om te worden verbrand), worden voortaan in de heffing van de afvalstoffenbelasting betrokken.

Mocht u naar aanleiding van de maatregelen van Prinsjesdag 2019 vragen hebben, neem dan contact op met uw adviseur bij Baker Tilly.