Ga direct naar de inhoud

Twee weken na de presentatie van de Prinsjesdagvoorstellen stuurde het kabinet een brief naar de Tweede Kamer met verschillende ingrijpende voorstellen. Daarin worden diverse wijzigingen in de inkomstenbelasting voorgesteld die voornamelijk DGA’s en vermogende particulieren zullen raken. 

De brief bevat nog geen uitgewerkte wetsvoorstellen en de plannen moeten nog besproken en goedgekeurd worden in de Tweede en Eerste Kamer. Verdere details volgen waarschijnlijk binnenkort. Onze experts zetten alvast de hoofdpunten op een rij. 

Tijdelijk verlaagd toptarief in box 2 

Het toptarief in box 2 (inkomen uit aanmerkelijk belang) wordt per 2027 voor een periode van 4 jaar verlaagd met 1,8%. Over box 2-voordelen zoals dividenduitkeringen van de eigen bv geldt dan in de hoogste schijf een tarief van 29,2% (nu 31%). Voor uitkeringen in de eerste schijf (in 2026 was de schijfgrens € 68.843) blijft het huidige tarief van 24,5% gelden. Met deze maatregel wil het kabinet aanmerkelijkbelanghouders aanmoedigen om ‘vastzittend vermogen’ uit hun onderneming te halen.  

Lagere grens excessief lenen in box 2 

Als een aanmerkelijkbelanghouder meer dan € 500.000 leent van zijn bv, kan het meerdere gelden als ‘excessief lenen’. Dan wordt belasting geheven in box 2 alsof dat meerdere een voordeel uit aanmerkelijk belang is. In sommige gevallen tellen ook leningen aan familieleden mee. Er geldt een uitzondering voor bepaalde eigenwoningleningen. 

Het huidige voorstel is dat die grens vanaf 2027 stapsgewijs met € 80.000 per jaar wordt verlaagd tot € 100.000 in 2031. De peildatum voor excessief lenen is 31 december van het belastingjaar. Dat betekent dat DGA’s nog tot het einde van volgend jaar zouden hebben om hun leningen zo nodig te verlagen. 

Vermogenswinstbelasting box 3 voor een groot deel al per 2028 

Waar eerder nog de verwachting was dat invoering van de Wet werkelijk rendement per 2028 niet haalbaar was, stelt het kabinet nu tóch voor om per 2028 een vermogenswinstbelasting in te voeren voor alle financiële instrumenten. Dit is volgens het kabinet ‘de snelste route om zoveel mogelijk vermogen onder vermogenswinst te laten vallen’. De wijziging wordt dit jaar als ‘novelle’ behandeld. In plaats van het huidige voorstel via amendementen aan te passen, volgt een nieuw wetsvoorstel bovenop het bestaande box 3-voorstel.  

Hiermee wordt per 2028 naar verwachting al 90% van het box 3 vermogen onder het vermogenswinstbelastingstelsel geschaard. Per 2030 zou de rest moeten volgen.  

Heffingvrij vermogen box 3 en vrijgesteld resultaat verlaagd 

Het heffingvrij vermogen in box 3 daalt al in 2027 van € 59.357 in 2026 naar € 30.846 in 2027. Dat is gelijk aan het niveau van 2020. Voor fiscaal partners geldt gezamenlijk een dubbel bedrag. 

Per 2028 gaat dan een heffingsvrij resultaat gelden van € 1.000.  

Forfaitaire percentage overige bezittingen per 2027 verhoogd 

Wie in 2027 geen gebruikmaakt van de tegenbewijsregeling ziet het forfaitair rendement voor Overige Bezittingen in 2027 stijgen met 1,5 procentpunt. Onder Overige Bezittingen vallen bijvoorbeeld box 3-vorderingen en vastgoed. 

Verhoging hoogste schijfgrens box 1 

De hoogste schijfgrens in box 1 verschuift: inkomen uit werk en woning valt vanaf € 80.578 in de hoogste tariefschijf (2026: 49,5%) in plaats van vanaf € 78.426. Mensen met een inkomen hoger dan deze schijfgrens betalen daardoor iets minder belasting. De verhoging van de arbeidskorting wordt € 133 in plaats van € 173. Deze maatregelen moeten gezamenlijk de koopkracht van werkenden verbeteren. 

Voortgang wetgeving 

Het is wellicht opvallend dat het kabinet zo snel na Prinsjesdag met zulke ingrijpende aanpassingen komt. Maar koopkracht en sociale zekerheid waren belangrijke discussiepunten in de Tweede Kamer. Met deze maatregelen wordt onder andere geld vrijgespeeld om op die onderwerpen concessies te doen. 

Deze voorstellen moeten nog worden behandeld door de Tweede en de Eerste Kamer. Het kabinet zal bovendien een spoedadvies aan de Raad van State vragen. Ook onze experts houden de voortgang in de gaten.  

Heb je vragen over de voorstellen? Neem dan contact op met je Baker Tilly adviseur. 

Wet- en regelgeving op dit gebied kan onderhevig zijn aan verandering. Wij raden je aan om met jouw Baker Tilly adviseur te overleggen over de impact hiervan.

Neem contact op met onze experts

Walter Verra

Sr. Manager Tax Advisory

Folkert Uittenbogaart

Sr. Manager Tax Advisory

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen, events en klantverhalen

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief