Heffingskortingen: verwachte wijzigingen

Vrijwel iedereen die in Nederland woont en belasting betaalt, heeft recht op een korting in de inkomstenbelasting. Dit noemen we de heffingskorting. Welke specifieke heffingskortingen voor u van toeppassing zijn, hangt af van uw situatie. Het kabinet heeft onlangs een aantal voorgestelde wijzigingen toegelicht. In dit bericht bespreken wij een tweetal heffingskortingen en de verwachte wijzigingen.

Wat zijn heffingskortingen?

Een heffingskorting is een korting op uw inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. Door de heffingskorting betaalt u dus minder belasting en premies. In Nederland kennen we verschillende heffingskortingen, zoals de algemene heffingskorting, de arbeidskorting, de inkomensafhankelijke combinatiekorting en heffingskortingen voor AOW-gerechtigden.

Algemene heffingskorting

Wellicht de meest bekende heffingskorting is de algemene heffingskorting. In principe heeft iedereen die in Nederland woont recht op deze heffingskorting. De hoogte van deze heffingskorting is afhankelijk van het inkomen uit werk en woning (box 1). Naarmate dit inkomen stijgt, daalt de algemene heffingskorting. Voor inkomens tot € 21.318 geldt een korting van € 2.888. Voor elke euro die meer wordt verdiend, daalt de korting. Voor inkomens boven de € 69.398 bedraagt de algemene heffingskorting daardoor € 0.

Het kabinet heeft in de Voorjaarsnota 2022 voorgesteld om voor de afbouw van de algemene heffingskorting niet meer alleen naar het inkomen uit werk en woning (box 1) te kijken. Vanaf 2025 telt ook het inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2) en uit sparen en beleggen (box 3) mee. Voor wie voornamelijk inkomen uit box 2 (dividenden) geniet, of jaarlijks een (forfaitair) rendement in box 3 in aanmerking moet nemen, leidt het voorstel ertoe dat zij recht hebben op een lagere (of zelfs geen) heffingskorting. Het kabinet is voornemens om de maatregel per 1 januari 2025 in werking te laten treden.

Inkomensafhankelijke combinatiekorting

De inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) is een heffingskorting voor de ouder(s) van een kind dat jonger is dan 12 jaar. De korting geldt voor de (werkende) alleenstaande ouder en de minstverdienende van twee werkende partners, als aan een aantal voorwaarden is voldaan. Ook de IACK is inkomensafhankelijk. In 2022 bedraagt de IACK maximaal € 2.534.

In het Coalitieakkoord is aangekondigd dat de IACK per 2025 geheel wordt afgeschaft. Dit voornemen is in de Voorjaarsnota 2022 en navolgende brieven herhaald. Als het voorstel wordt ingevoerd, geldt voor ouders met kinderen geboren vóór 2025 dat de heffingskorting in twaalf jaar stapsgewijs wordt afgebouwd.

Verwerking heffingskortingen

Soms wordt bij de berekening van de loonbelasting al rekening gehouden met heffingskortingen, maar de definitieve berekening van heffingskortingen vindt pas in de aangifte inkomstenbelasting plaats. Voor een deel gebeurt dit automatisch, maar als u bijvoorbeeld recht hebt op de jonggehandicaptenkorting, dan is het verstandig om te controleren of deze juist in uw aangifte en de belastingaanslag is verwerkt.

Gewijzigde wetten en omstandigheden

Het is goed om de doorwerking van wetswijzigingen (en wijzigingen in uw omstandigheden) op bijvoorbeeld uw voorlopige aanslag in de gaten te houden: als uw recht op heffingskortingen verandert, kan het in sommige gevallen verstandig zijn om een voorlopige aanslag aan te passen. Heeft u vragen over de heffingskortingen of de voorgestelde wetswijziging? Onze adviseurs bespreken graag hoe wij u van dienst kunnen zijn.

Let op: de voorgestelde wijzigingen zijn slechts een vooraankondiging. Het bijbehorende wetsvoorstel wordt op Prinsjesdag gepubliceerd, en kan nog gewijzigd worden aan de hand van het parlementair debat in het najaar.